Artikel

Certificeringsregeling: de FAQ’s

Alleen gecertificeerde installatiebedrijven mogen vanaf de tweede helft van 2019 nog cv-ketels, luchttoevoer en rookgasafvoer plaatsen en onderhouden. Dit roept natuurlijk veel vragen en reacties op. Installatie.nl zet voor u de feiten en onze verwachtingen op een rijtje. Wat houdt de certificeringsregeling in?

De erkend installateur. Bestond die niet al?

Nou ja, veel bedrijven noemen zich zo, en er zijn tal van vrijwillige erkenningsregelingen, maar er is momenteel geen wettelijk verplichte basis onder het begrip ‘erkend’ waar het particuliere verbrandingstoestel betreft.

Veel bedrijven voeren het nog vanuit de historie van de Vestigingswet, die in 2007 werd afgeschaft. Sindsdien mag onder de noemer marktwerking formeel gezien iedereen een cv-ketel aansluiten en onderhouden. Nadien zijn diverse erkenningen, stickers en labels voorbij gekomen: dat moet veranderen. Duidelijkheid naar de consument.

Waarom pas in 2019?

rookgasmeter

Tja, de bureaucratische molens draaien traag. Maar de minister heeft ook gezegd dat die tijd nodig is om installateurs de kans te geven om zich op de nieuwe regels voor te kunnen bereiden.

Het wetsvoorstel is een reactie van het kabinet op het koolmonoxide-rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, dat in november 2015 werd gepubliceerd. Hierin stond de vernietigende conclusie dat de branche, met haar keurmerken, niet in staat is gebleken om zelf de kwaliteit te organiseren om de burger voldoende veiligheid te kunnen bieden. Hier het dossier op onze site.

Het kabinet heeft daarna rustig de tijd genomen om de verschillende scenario’s te onderzoeken. Het wetsvoorstel werd in januari 2018 eindelijk gepubliceerd. Vanaf de tweede helft van 2019 treedt de wet dan in werking. Het lijkt er op dat er daarna nog een overgangsjaar komt, waarin de certificerende instellingen zich klaar kunnen maken voor het uitwerken van hun certificaten.

Is het koolmonoxideprobleem anno 2018 nog steeds zo urgent?

Reken maar! Afgelopen jaar vielen 7 koolmonoxidedoden, net zoveel als in recordjaar 2015. En het aantal gewonden bedroeg in 2017 203, bijna een verdubbeling ten opzichte van 2015. Extra maatregelen zijn dus geen overbodige luxe.

Eerst was er sprake van een erkenningsregeling, nu krijgen we een certificering. Wat is het verschil?

Dat klopt. De verschillende kwaliteitsregelingen in Nederland zijn niet allemaal even ‘zwaar’. Het lidmaatschap van een brancheorganisatie is een ‘licht’ kwaliteitskeur, dan volgt een erkenningsregeling en als ‘zwaar’ kwaliteitskeur geldt een certificering.

Voor lidmaatschapsvoorwaarden en erkenningsregelingen bestaan geen wettelijke normen, voor certificatieregelingen wel. Eerder leek er sprake van een erkenningsregeling, maar nu is het toch duidelijk dat het gaat om certificering. De termen worden nog wel eens door elkaar gebruikt, en dat is verwarrend.

Certificering loopt via certificerende instanties, zoals KIWA, TUV of Dekra. Branchevereniging Uneto-VNI pleitte lang voor een erkenningsregeling, omdat certificering voor zzp’ers en kleine bedrijven te duur zou zijn. Op dit punt lijkt de brancheclub nu dus bakzeil te halen.

Geldt de certificering enkel op bedrijfsniveau?

Ja. Bedrijven moeten zich certificeren. Het gaat om een procescertificering, wat betekent dat ze moeten aantonen dat de bedrijfsprocessen om veilig cv-installaties aan te leggen in orde zijn. Hierbij hoort ook dat bedrijven minstens één zogeheten ‘vakbekwame’ monteur in huis hebben. De eisen voor een vakbekwame monteur worden momenteel uitgewerkt.

Eén vakbekwame monteur maar?

Meer mag ook. Maar moet niet. Om bedrijven niet op hoge kosten te jagen, is ervoor gekozen om alleen de inwerkingstelling en de controle van een gasinstallatie verplicht door een vakbekwame monteur uit te laten voeren. De daadwerkelijke aanleg van de installatie mag ook door monteurs worden uitgevoerd die niet vakbekwaam zijn, zolang het maar de vakbekwame monteur is die uiteindelijk de stekker in het stopcontact steekt.

Vandaar ook dat niet gekozen is voor persoonscertificatie, maar voor procescertificatie van het installatiebedrijf. Het ministerie denkt ook dat klanten het belangrijker vinden dat een bedrijf gecertificeerd is, dan of de monteur dat is. Overigens wijkt het kabinet met dit standpunt af van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, de aanstichter van het hele wetgevingstraject. Want die vindt dat zowel personen als bedrijven gecertificeerd/erkend moeten zijn.

Blok-biedt-opening-verplichte-cv-keur

Moet ik voor deze erkenning op cursus?

Net als dat je voor het halen voor je rijbewijs niet per se op cursus hoeft, hoeft dat voor het halen van je vakbekwaamheidsdiploma ook niet. Dat gezegd hebbende: het is toch wel aan te raden om je even in de materie te verdiepen, ondanks dat de leerstof niet gratis aangeboden wordt.

Alleen het tonen van wat oude diploma’s of jarenlange ervaring zijn straks niet voldoende. Er komen een theorie- en een praktijktoets, en voor beide moet je slagen. Onthoud daarbij dat deze certificeringsregeling voortkomt uit een rapport over koolmonoxide-problematiek. Veel vragen zullen zich dan ook daar op toespitsen.

Overigens helpt de branchevereniging een handje. Leden van Uneto-VNI kunnen gebruik maken van de toolbox ‘Kennis van koolmonoxide‘ voor vakkundig onderhoud en inspectie van gasinstallaties. De toolbox bevat vooral checklists en technische informatie. Een vakbekwaam monteur kan straks zich straks ‘legitimeren’ door het tonen van zijn persoonlijke vakpas, of vakpaspoort. En dat is wel mooi natuurlijk.

Is certificering wel haalbaar voor eenmanszaken?

In de branche zijn ongeveer 18.000 installatiebedrijven actief met 34.000 monteurs; 12.000 bedrijven zijn eenmanszaken. Minister Ollongren geeft expliciet aan dat de erkenning ook voor zzp’ers werkbaar moet zijn, of voor aannemers met één installatiemonteur.

Dit zal ook betekenen dat de kosten voor certificering en (bij)scholing niet torenhoog zullen zijn, althans, dat is onze verwachting. Het is overigens in theorie mogelijk dat zzp’ers een aparte certificering krijgen. De extra kosten zullen installateurs (deels) doorberekenen aan de consument: installatie en onderhoud zullen iets duurder worden.

atag i-serie ish (c) Eddy Buiting

Hoeveel duurder dan?

Naar schatting wordt het monteren van een cv-ketel voor de consument straks 45 euro duurder, en het onderhoud van een ketel gaat 4,50 euro meer kosten. Als tenminste de installateur alle meerkosten doorberekent aan de klant. Bij het bepalen van die bedragen wordt ervan uitgegaan dat een monteur jaarlijks tachtig ketels plaatst (10 uur werk per ketel à 50 euro per uur) en ongeveer 800 ketels onderhoudt (1 uur werk per ketel à 50 euro per uur). 

Een indicatie van de kosten van de certificering geven de al bestaande regelingen. Een SCIOS-certificaat of een BRL 6000-certificaat kost een ‘klein’ gecertificeerd bedrijf ongeveer 2.500 euro  per jaar. Dat is heel wat meer dan een ‘lichte’ erkenningsregeling van bijvoorbeeld Sterkin of KvINL, want die kost een ondernemer gemiddeld nog geen honderd euro per jaar.

Maar er komen nog wel wat extra kosten bij. Bedrijven moeten straks volgens vaste procedures gaan werken en dat kan in de papieren lopen. Door een uitgebreidere manier van meten bij ingebruikstelling bijvoorbeeld, of door vaste procedures rond klachtenafhandeling. Maar goed, wie dit soort processen eenmaal strak in zijn bedrijfsvoering opgenomen heeft, zal hier ook de vruchten van kunnen plukken.

Hoe zit het met OK-CV?

De eisen voor bedrijven en monteurs zullen naar verwachting redelijk overeenkomen met de competenties van (het vrijwillige) OK-CV-label. Deze bedrijven zullen dus ongeveer startklaar zijn voor de certificering. Maar de nieuwe certificering krijgt wel een eigen logo, website etc. En, zoals het er nu uitziet, is OK-CV geen toegangsbewijs tot het register van gecertificeerde installateurs.

Wie gaat dit allemaal controleren?

Alle opgeleverde en onderhouden installaties moeten straks door de monteur in een online systeem afgemeld worden. Het is nog niet duidelijk of dit allemaal losse systemen zijn, of dat er een centraal afmeldsysteem wordt opgetuigd. Het ministerie vindt het voldoende als een afmelding alleen in het systeem van een certificerende instelling terecht komt, maar vindt het prima als de markt zelf zo’n centraal systeem opzet. Uit deze kaartenbakken zullen de certificerende instellingen steekproefsgewijs projecten plukken om te controleren.

rookgasmeting

Gemeenten zijn vanaf 2019 de aangewezen instanties om handhavend op te treden. Als zij situaties tegenkomen waarin beunhazen aan het werk zijn geweest, dan kan een dwangsom worden opgelegd: oplossen dat probleem, anders dokken. Ook boetes zijn mogelijk.

In situaties waarbij een ketel door een niet-gecertificeerd bedrijf is geïnstalleerd, zit zowel de opdrachtgever als de installateur fout. En tegen beide kan de gemeente dus ook optreden. Uneto-VNI wil gemeenten hiermee helpen door een meldpunt in te stellen voor overtreders en overtredingen.

Wat gebeurt er met niet-gecertificeerde bedrijven?

Die mogen gewoon blijven bestaan, maar moeten simpelweg van de verbrandingsinstallatie afblijven. Wel of geen certificering voeren is een keuze. Het plaatsen of onderhouden van verbrandingstoestellen is voorbehouden aan gecertificeerde bedrijven. De overige bedrijven kunnen zich richten op andere delen van het vak; er is genoeg te doen.

Welke installatiedelen vallen onder de wetgeving?

Het verbrandingstoestel, zoals de cv-ketel, en de daarbij horende luchttoevoer/rookgasafvoer. Overig werk aan de cv-installatie, bijvoorbeeld aan de aanvoergasleiding of aan de afgiftesystemen mogen wel door niet-erkende bedrijven worden uitgevoerd. Het is dus niet zo dat al het gasgerelateerde werk vanaf 2019 binnen het wettelijk kader gaat vallen.

Het gaat om gasgestookte verwarmingssystemen tot 100 kW. Grotere systemen vallen al onder het SCIOS-certificeringsregime.

Vooralsnog geldt de certificeringsregeling alleen voor gastoestellen, maar mogelijk wordt deze uitgebreid naar pelletketels en -kachels. Dit als blijkt dat ook hier koolmonoxidegevaren aan kleven. Het is niet bekend precies hoeveel koolmonoxidegevallen door slechte biomassa-installaties worden veroorzaakt, maar uit meldingen van de brandweer blijkt dat het in ieder geval sporadisch voorkomt.

En collectieve rookgasafvoeren?

Bij collectieve rookgasafvoeren (CLV’s ) spelen zaken waar de gemiddelde cv-installateur niet dagelijks mee te maken heeft. Het onderhouden of aanleggen van CLV’s is redelijk specialistisch werk. Uneto-VNI pleit er daarom voor dat er voor werk aan CLV’s een aparte certificering uitgewerkt komt. En dat is iets wat de gemiddelde installateur (maar natuurlijk lang niet elke) zal verwelkomen: want hij hoeft zich dan niet te verdiepen in werk dat hij toch nooit doet.

ketelonderhoud

Het wetsvoorstel biedt ook de ruimte voor zulke aparte regelingen. Net als dat er de ruimte is voor aparte certificatieschema’s voor de eerste aanleg van een gasverbrandingsinstallatie bij nieuwbouw, of voor werkzaamheden bij onderhoud en reparatie. Of dat ook zo opgetuigd gaat worden moet nog blijken. Voor de consument is het natuurlijk niet echt handig als er straks allerlei sublabels op de markt komen.

Over die consument gesproken: gaat die wel mee in deze zoveelste ‘sticker’?

De consument kan ervoor kiezen om een niet-erkende installateur in zee te gaan. Dit is vanaf 2019 illegaal, dus strafbaar, en ook nog eens gevaarlijk: de installatie kan ondeugdelijk zijn, maar ook een verzekeraar kan mogelijke (vervolg)schade niet uitkeren als blijkt dat de erkenning is omzeild. Dus, tja, de consument heeft straks weinig keus, zo lijkt het. En dat is precies wat de bedoeling was. 

Staat lidmaatschap van Uneto-VNI gelijk aan deze erkenning?

Nee. Het lidmaatschap van een branchevereniging staat hier los van. Wel heeft Uneto-VNI al eerder aangegeven dat bedrijven die zich bewust niet houden aan de certificering, en dus ook bedrijven die de wettelijke certificering ontduiken, op sancties kunnen rekenen. Er gaat dus een sowieso een schifting komen. 

Vaillant Ecotec

Wordt periodiek onderhoud aan de cv-installatie nu ook verplicht?

Nee. De certificering heeft alleen betrekking op de installatiebedrijven en monteurs. De verantwoordelijkheid voor onderhoud blijft bij de eigenaar van de installatie liggen. Echter, fabrikanten schrijven wel onderhoudscycli voor, op basis waarvan zij garanties afgeven. De fabrikantvoorschriften zijn altijd leidend; ook hier kunnen bijvoorbeeld verzekeraars zich bij schadegevallen met succes op beroepen. 

Mag iedereen nog wel gewoon cv-ketels aanschaffen?

Ja. De verkoop van toestellen, waaronder cv-ketels, is vanwege Europese vrijhandelsregels niet beschermd, en dat gaat ook niet gebeuren. Dit betekent dat fabrikanten een leveringsplicht hebben naar de markt, en dus niet enkel aan erkende bedrijven mogen leveren. Grossiers mogen ook doorhandelen naar webshops of particuliere groothandel.

Er zal dus een segment (blijven) bestaan waarbij gecertificeerde bedrijven elders aangeschafte toestellen zal installeren. Het is aan de installateur zelf om hierin een positie te bepalen: dat heet ondernemerschap. Een trend is dat fabrikanten partnerprogramma’s ontwikkelen, maar ook zelf op de consumentenmarkt actief worden.

Wat doen fabrikanten om de veiligheid en kwaliteit beter te borgen?

Heel veel; kijk maar naar de nieuwste toestellen. Ons kabinet heeft op Europees niveau de verplichting van CO-sensoren in ketels aangekaart. Dit betekent dat op lange termijn er een kans bestaat dat alle nieuwe cv-ketels geïntegreerde CO-sensoren hebben en dus voorloper Vaillant volgen. Maar makkelijk is dat niet niet. Want hoe sensoren het best in een ketel kunnen worden toegepast is nog onderwerp van discussie.

Ook wordt de concentrische rookgasafvoer vaker gestandaardiseerd door opdrachtgevers en installateurs. Dit betekent dat de adapter eraf kan, en meer toestellen standaard concentrisch op voorraad komen te liggen bij de groothandel. Ook bieden fabrikanten (bij)scholing.

Gaat de overheid nog een handje helpen om de consument van dit alles op de hoogte te brengen?

Gecertificeerde bedrijven zijn straks online vindbaar in een makkelijk raadpleegbare lijst. De minister heeft een grote reclamecampagne beloofd, zodat dat iedereen bekend is met dit register en dat het dus een fluitje van een cent wordt om de juiste installateur te vinden. Daarbij wil het kabinet het Britse voorbeeld volgen, waar het gassafe register als een groot succes wordt gezien. 

Wat kan ik ondernemen richting mijn klant?

Indien u voornemens bent mee te gaan in deze certificering, doet u er verstandig aan uw klanten te informeren over dit nieuws, en uw reactie erop. Het is voor de periode tot 2019 strategisch verstandig om voor te sorteren met de installateurs die staan voor vakmanschap en veiligheid.

Maak dus gebruik van uw kanalen om uit te dragen dat u staat voor veiligheid, duurzaamheid en energiebesparing. Oftewel: wat u hopelijk altijd al doet. De publiciteit rondom koolmonoxide heeft voor installatiebedrijven ook positieve kanten: het maakt het mogelijk om de desinteresse in de cv-ketel om te vormen naar interesse. Voor inspiratie: download onze verhalenserie over strategiebepaling.

© Installatie.nl

Hoewel de informatie zorgvuldig is samengesteld, kan Installatie.nl niet instaan voor de juistheid, volledigheid en/of actualiteit van de geboden informatie. De geboden informatie kan door Installatie.nl te allen tijde gewijzigd worden en behoeft geen nadere berichtgeving.