De productie van duurzame energie in 2025 is opnieuw gegroeid, maar tegelijk nam het aantal momenten waarop groene stroom niet benut kon worden verder toe. Dat blijkt uit de voorlopige jaarcijfers van Energieopwek.nl. Er kwamen afgelopen jaar zo’n 170.000 warmtepompen bij.
In Nederland werd in 2025 ongeveer 7% meer hernieuwbare energie geproduceerd dan in 2024. Dat komt neer op 27 Petajoule (PJ) extra energie. Ter vergelijking: dat is circa 2 keer het jaarlijkse energieverbruik van een middelgrote gemeente zoals Groningen. De groei is vooral toe te schrijven aan een zonnig voorjaar en een relatief winderig najaar.
Tegelijkertijd nam ook het afschakelen van duurzame stroom toe. In totaal werd in 2025 ongeveer 16 PJ aan duurzame elektriciteit niet geproduceerd doordat zonnepanelen en windturbines tijdelijk werden uitgezet. In 2024 was dit nog 12 PJ. Oorzaken zijn negatieve stroomprijzen en netcongestie.
Zon en wind domineren duurzame energieproductie
Zon en wind bleven de belangrijkste pijlers onder duurzame energie in 2025:
- Zonne-energie: +17 PJ
- Windenergie: stabiel niveau, ondanks een windstil voorjaar
- Wind op zee compenseerde lagere productie op land
- Warmtepompen: +7 PJ, totaal circa 37 PJ
Volgens het Warmtepomp Trendrapport kwamen er in 2025 circa 170.000 warmtepompen bij. Het totaal staat nu op ongeveer 900.000 installaties, vooral toegepast in goed geïsoleerde woningen.
Ook de bijstook van biomassa nam met circa 2 PJ toe, doordat kolencentrales vaker werden ingezet. De bijdrage van duurzame transportbrandstoffen groeit waarschijnlijk sterk, maar is nog niet verwerkt in de totale cijfers.
Overschotten en negatieve stroomprijzen nemen toe
Het aantal uren met negatieve day-ahead elektriciteitsprijzen steeg met ruim 30% naar 585 uur. Dat is ongeveer 7% van het jaar. Producenten schakelden installaties uit vanwege contractuele voorwaarden, subsidies of een vol elektriciteitsnet.
Volgens berekeningen van Entrance had een virtuele elektrolyser in 2025 ruim 1.400 uur kunnen draaien bij lage of negatieve prijzen. Dat onderstreept het belang van energieopslag, zoals batterijen voor kortdurende overschotten en elektrolysers voor langdurige pieken.
Aandeel groene stroom stijgt naar 57%
Ongeveer 57% van de Nederlandse elektriciteitsvraag werd in 2025 ingevuld met groene stroom, tegenover 54% in 2024. De totale elektriciteitsvraag daalde licht met 1%, terwijl de duurzame productie met 3% groeide. Zonder afschakeling had het aandeel groene stroom kunnen oplopen tot 60%.
Hoewel dit dicht bij de 2030-doelstelling van het Planbureau voor de Leefomgeving ligt, wordt verwacht dat de elektriciteitsvraag de komende jaren sterk stijgt door elektrische mobiliteit, warmtepompen, elektrificatie van de industrie en datacenters.
Grote seizoensverschillen blijven
In de winter blijft meer dan de helft van de stroom afkomstig van conventionele bronnen. Van maart tot en met oktober is juist meer dan 50% van de elektriciteitsvraag duurzaam. Mei 2025 was de topmaand met circa 70% groene stroom, terwijl januari bleef steken op iets boven de 40%.
Het aandeel hernieuwbaar wordt gewoonlijk uitgedrukt ten opzichte van de nationale vraag. Gerekend naar totale nationale elektriciteitsproductie (inclusief export) was in 2025 ongeveer 51% hernieuwbaar.


