Remanufacturing ventilatie – geen volledige vervanging, maar onderdelen opknappen – wint terrein. Onderdelen er uithalen en ze opknappen; ventilatiespecialist Interduct ziet de vraag toenemen. ‘De insteek is dat de behuizing van het toestel net zo lang meegaat als het huis zelf.’”
“Hier heb je een doos met onderdelen zoals onze monteur die meeneemt naar de woning”, zegt Rogér Keijsers. Hij zet ‘m neer, snijdt de tape open en pakt uit. Inhoud van de doos: twee ventilatoren, een printplaat (keurig verpakt in ESD-zak), een voeding, een bypass en een nieuwe set filters. Ze zijn bestemd voor een bestaand ventilatietoestel van Zehnder (de WHR90B) en zien er als nieuw uit. Maar dat zijn ze niet.
Onder Interduct vallen 23 bedrijven die actief zijn in de woningbouw, renovatie, utiliteit en productie van kanaalwerk en ander toebehoren. Keijsers houdt zich binnen de groep bezig met business development en is de drijvende kracht achter het ‘remanufacturen’ van ventilatietoestellen. “We bestonden in 2024 veertig jaar en hebben al die tijd alleen maar nieuwe toestellen geplaatst. We zien nu de vervangingsmarkt hard opkomen.”
Mechanisch, elektronisch en cosmetisch als nieuw
Remanufacturen, refurbishen, reviseren – termen die in de installatiemarkt bijna hetzelfde betekenen, volgens Roy van Laanen. Hij is oprichter en directeur van Rewind Fans & Electronics, een bedrijf in Malden dat sinds 2009 onderdelen voor installaties opknapt en weer in de markt zet.
En dat is geen kwestie van nieuwe lagertjes, even het stof eraf blazen en er een mooi strikje om doen. Schimmel op de ventilatoren of aanslag als gevolg van roken, wokken of grillen – het zit er allemaal op, maar kan er ook allemaal weer af met een professioneel reinigingsproces en indien nodig een nieuwe laklaag. Resultaat: een brandschoon onderdeel. Condensator op een printplaat kapot? Die wordt vervangen door eentje van betere kwaliteit. “De kern van wat wij doen: we maken het product weer als nieuw. Zowel mechanisch, elektronisch als cosmetisch.”
Circulair ventileren: frisse start voor onfrisse onderdelen
Van Laanen begon zijn onderneming thuis aan de keukentafel, naar aanleiding van een concrete vraag van een installateur. Inmiddels levert Rewind opgeknapte onderdelen aan partijen als Wasco (die ze verkoopt) en diverse andere wederverkopers en installateurs. Een verbouwing in het bedrijfspand is op handen. Zo komt er een complete lijn voor het reviseren van wtw-toestellen. In het magazijn liggen de schappen vol met opgeknapte onderdelen.


Circulariteit versterkt door CSRD en LCA‑inzichten
Voor Interduct beheert Rewind de defecte voorraad – de ventilatietoestellen en onderdelen die terugkomen uit renovatieprojecten – en knapt het de toestellen en onderdelen op zo gauw er vraag is. “We remanufacturen pas als een project is verkocht”, zegt Keijsers, “maar we hebben nu zoveel bestellingen openstaan dat wij al weten wat er remanufactured kan worden op het moment dat er toestellen binnenkomen. Alle toestellen van Zehnder en Itho Daalderop sowieso.”
Alleen al bouwbedrijf BAM Wonen heeft ruim 600 toestellen uitgevraagd. Andere grotere bouwers en corporaties roeren zich ook, merkt Keijsers. Dat komt door de stijgende aandacht voor circulariteit én de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD), een Europese richtlijn die maakt dat grote bedrijven moeten rapporteren over hun CO2-uitstoot en vorderingen in het beperken daarvan. “Aan CO2 hangt een prijs. Dat maakt dat je ermee kan rekenen.”
Interduct laat momenteel LCA’s (Life Cyle Analysis) doorrekenen voor remanufactured ventilatietoestellen, om die winst inzichtelijk te krijgen. Berekeningen van BAM Wonen komen uit op ongeveer 30 procent reductie op materiaalgebonden CO2-uitstoot.
Tekort aan gebruikte onderdelen, hoge marktpotentie
Interduct is met deze aanpak een van de koplopers, beaamt Van Laanen. De ontwikkeling druppelt zeker nog niet door in de hele sector. “Er wordt veel over circulariteit gepraat, maar er wordt nog te weinig gedaan. Terwijl er zoveel mogelijkheden zijn. Wat we hier doen is echt laaghangend fruit. Kwalitatief zijn onze onderdelen minimaal gelijkwaardig aan nieuwe, dus er is helemaal geen reden om het niet te doen.”
Het aanbod aan gebruikte onderdelen blijft vooralsnog achter bij de vraag, zien zowel Keijsers als Van Laanen. “Wat ik veel hoor van servicebedrijven is dat de onderdelen toch nog vaak verdwijnen naar de oud-ijzerhandel voor het frietje op vrijdag, of de bouwvakborrel. Wel gaan steeds meer installatiebedrijven de waarde inzien van hun afval. Er komt meer sturing van bovenaf.”
De milieuwinst van gereviseerde onderdelen is één aspect; ook de prijs is aantrekkelijk: volgens Van Laanen is er een “aanzienlijk” prijsvoordeel. Keijsers zegt: “Je moet behoorlijk betalen voor de onderdelen, maar een hele nieuwe wtw is nog duurder.” Interduct geeft vijf jaar garantie op toestellen met gereviseerde onderdelen.


Praktische voordelen voor monteurs en bewoners
Installateurs zouden ook blij moeten zijn met deze manier van werken om heel praktische redenen, noemt Keijsers: minder gesjouw met WTW’s. De monteur gaat naar de klant, haalt alle serviceonderdelen uit de unit, sopt het ding van binnen schoon en reinigt de wisselaar. Dan komen er remanufactured onderdelen in en kan het toestel weer een hele levensduur mee. “Er hoeft maar één monteur met dat doosje onderdelen naar de bewoner. Hij kan vier toestellen per dag doen.”
Geen gesjouw betekent ook dat monteurs niet met z’n tweeën die krappe vlizotrap op hoeven, met minder kans op schade bij de bewoner. En wat te denken van die berging waarin de bewoner schapjes heeft getimmerd rond een bestaand toestel dat inmiddels uit de markt is? “Als je daar een nieuw toestel moet installeren dat nét vijf centimeter breder is, dan moet de voorraad hagelslag weg en moeten de schapjes worden ingekort. Wie gaat dat doen? De monteur is geen timmerman. Je krijgt discussies waar je niet op zit te wachten.”

Van Beverwijk naar Haarlem
Interduct demonteerde afgelopen mei op een verduurzamingsproject met 90 sociale huurwoningen in Beverwijk de aanwezige mv-boxen in opdracht van BAM Wonen en woningcorporatie Pré Wonen. De boxen die te remanufacturen zijn, gaan in het najaar naar woningen in Haarlem: een volgend project van 62 appartementen waar de drie partijen opnieuw betrokken zijn. Dat de toestellen opnieuw worden ingezet bij dezelfde opdrachtgever is voor het eerst.
Van product naar circulair gebruik
Na installatie van de gereviseerde onderdelen, neemt een monteur de onderdelen weer mee die uit het toestel komen. Die kunnen dan op hun beurt worden gereviseerd. Keijsers: “Dat cirkeltje stopt niet meer. De insteek is dat de behuizing van het ventilatietoestel net zo lang meegaat als het huis zelf.”
Kanalen reinigen, service-onderdelen wisselen en reviseren – het maakt sturen op preventief onderhoud en circulaire businessmodellen als product-as-a-service mogelijk. “Interduct kreeg die vraag al”, zegt Keijsers. “Daar gaan we serieus naar kijken.”
Van Laanen benoemt het voordeel van preventief onderhoud. “Als je een storing of defect vóór bent, zijn onderdelen vaak nog niet kapot. Dat zien we bijvoorbeeld veel bij dakventilatoren. Die blijven vaak te lang draaien en dan is de as ingelopen door een lager die helemaal kapot is gelopen. Dan is de ventilator niet meer te refurbishen. Wanneer je er twee jaar eerder mee komt, kun je veel kosten besparen.”
Toekomst: granulaat, bijstellen ontwerp en circulaire grondstoffen
Tot slot: aan kapotte behuizingen valt niet veel te reviseren. Soms zijn de bevestigingshoeken van boxen die terugkomen afgebroken, weet Keijsers. “Fabrikanten zouden daar iets slims voor kunnen verzinnen, zodat ze niet een hele kast hoeven te spuitgieten, maar alleen nieuwe hoeken.”
Van kapotte behuizingen willen Interduct en Rewind kunststof granulaat maken en dat aanbieden aan de fabrikanten, zodat die het als recyclaat kunnen inzetten bij de productie van nieuwe toestellen.
Vochtsensor toevoegen op de printplaat
Oude ventilatietoestellen hebben geen vochtsensor. Die is vrij makkelijk toe te voegen op een printplaat. Van Laanen en Keijsers zijn in gesprek met fabrikanten over hoe dat kan binnen de regels. Bij refurbishen mag je namelijk onderdelen vervangen, maar vanwege de CE-markering in principe geen aanpassingen doen. “We zijn in overleg met Itho Daalderop over hoe we een uitbreidingssetje met vochtsensor kunnen toevoegen aan oude toestellen”, zegt Keijsers. “Hun ventilatieboxen van vóór 2015 hebben die sensor niet. Wij verwachten dat die de komende jaren heel veel van de muur gaan. Toevoeging van een vochtsensor zou aanzienlijke kansen bieden om die boxen weer inzetbaar te maken voor een nieuwe situatie. Motortechnisch en qua energieverbruik zijn ze identiek aan nieuwere modellen.”
Dit artikel over remanufacturing ventilatie verscheen onlangs in Installatie 5 2025. Deze uitgave is ook digitaal te lezen.


