fbpx
Nieuws

‘Opleidingsfonds voor sector behouden’

Het vervangen van het opleidingsfonds voor de installatiebranche voor een groot nationaal fonds is een slecht plan. Gezien de verwachte grote vraag naar technisch vakbekwaam personeel moet de sector zelf, het liefst op regionaal niveau, aan de knoppen blijven zitten.

Vier grote werkgeversorganisaties, Bovag, FME, Koninklijke Metaalunie en Uneto-VNI hebben de Kamer een brief gestuurd om hun pleidooi kracht bij te zetten. Vandaag debatteert de Tweede Kamer met de minister over het arbeidsmarktbeleid en de opleidingsfondsen.  Een aantal kamerfracties vinden dat de sectorfondsen, zoals OTIB voor de installatiebranche, vervangen moeten worden voor één nationaal opleidingsfonds.

 

Zelf regelen

De werkgevers schermen met onderzoek van Panteia, waaruit blijkt dat bij bedrijven die zijn aangesloten bij een scholingsfonds de kans groter is dat zij investeren in opleidingen dan bij niet-aangesloten ondernemingen. Algemeen voorzitter Bertho Eckhardt van Bovag: “Opleidingsfondsen organiseren collectief wat individuele bedrijven niet zelf kunnen regelen en waarin het regulier onderwijs niet voorziet. Dat is hun grote kracht.”

Sectorspecifiek en regionaal

Volgens de vier grote werkgeversorganisaties in de techniek spelen de opleidingsfondsen volop in op de arbeidsmarktveranderingen. Voorzitter Titia Siertsema van Uneto-VNI: “Banen voor het leven bestaan niet meer, werknemers moeten zich blijvend kunnen ontwikkelen. Sectoropleidingsfondsen in de techniek werken daarbij nauw samen zodat vakmensen makkelijker van de ene naar de andere techniekbranche kunnen overstappen. Zo blijven onze werknemers langer inzetbaar.” Voorzitter Fried Kaanen van Koninklijke Metaalunie vindt dat de uitgebreide branchekennis de grote kracht is van  sectoropleidingsfondsen. ‘Ze weten exact wat er speelt in een branche en beschikken over een hecht regionaal netwerk, waarin vraag en aanbod optimaal op elkaar worden afgestemd.” Voorzitter Ineke Dezentjé Hamming van FME: “De technische sectoren kenmerken zich door razendsnelle innovatieve en technologische ontwikkelingen. Opleidingsfondsen laten daarom toekomstscenario’s uitwerken en vertalen veranderingen in de beroepspraktijk direct naar nieuwe programma’s en activiteiten.”

 

In de vier technische branches -mobiliteit, industrie, metaalbewerking en installatietechniek- werken een miljoen werknemers. Daarvan zijn er 600.000 via hun 37.000 werkgevers aangesloten bij één van de technische O&O-organisaties.

Download hier de brief aan de Tweede Kamer-leden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.