Blog

Hoe rekenen we het gebruik van koude bij een WKO-installatie af met gebruikers? Ik kom in praktijk dus situaties tegen met warmte-koude-opslag waarbij de situatie op zijn zachts gezegd niet zo heel klantvriendelijk is georganiseerd.

In tegenstelling tot de warmte, wordt het vastrecht en het variabel tarief voor koude niet door de Warmtewet gereguleerd. Gebruikers die zijn aangesloten op een warmte- en koudeopslaginstallatie (wko) krijgen zowel warmte als koude geleverd, en moeten dit –uiteraard- ook beide afrekenen. Maar klopt die afrekening?

img-20161006-wa0002-2Afrekenen koude

WKO-installaties met warmtepompen kunnen fantastische oplossingen zijn om verduurzaming te realiseren, en anderzijds gebruikers comfort te geven in de vorm van warmte en koude. Uiteraard een techniek die technisch gezien geen sinecure is, maar daarin kunnen goede adviseurs en installateurs zich laten zien. En dat doen we dan dus ook graag.

Bronbalans en bijstook

Technisch gezien is de afname van koude in de zomer een onvermijdelijk gevolg van de afname van warmte in de winter. Hoe meer afname van koude in de zomer, hoe hoger de onttrekkingstemperatuur in de winter uit de warme bron. Met als gevolg minder verbruik van gas en elektra voor regeneratie van de bron en bijstook, wat weer resulteert in een gunstiger rendement voor de exploitant op de geleverde gigajoule aan warmte. Bronbalans is één van de belangrijkere factoren bij warmte-koude-opslag.

img-20161006-wa0000-2-kopieVraag-aanbod-prijs

Maar dan de verbruiker. Deze wordt geconfronteerd met onredelijk hoge kosten voor koude omdat hij noodgedwongen is aangesloten op een warmte- en koudeopslagsysteem. Veelal rekent men een vastrecht voor koude gedurende 6 maanden van een kalenderjaar.  Hierbij in achtneming dat gedurende een stookseizoen gemiddeld drie delen aan warmte en één deel aan koude wordt onttrokken aan een broninstallatie, kunnen we concluderen dat dit hele dure gigajoules aan koude zijn. En dat valt koud op je dak, als klant zijnde. Leg dat maar eens uit.

Praktijkvoorbeeld

Laatst hadden we een discussie met een bewoner over de werking van het systeem. Men vond de energierekening erg hoog en hiernaast werd het nooit echt goed warm. Om iets te kunnen vergelijken op feiten hebben we de factuur opgevraagd bij de bewoner. Verder heeft het appartement een warmteverlies van 5,7 kW. Verder gaan we uit van 1500 vollast vermogen per jaar waarmee het theoretisch verbruik circa 31 gigajoules per jaar komt (aanname gebaseerd op het document ‘’Kompas, energiebewust wonen en werken’’ van SenterNovem).

Over het jaar had men een verbruik van 28 gigajoules voor centrale verwarming. Hetgeen in lijn ligt met de theoretische berekening. Echter, rekende de exploitant voor zes maanden ook nog eens een vastrecht voor de levering van koude á raison € 130,00 per maand. Voor een bedrag van € 780,00 waren er in het jaar ongeveer 8 gigajoules aan koude geleverd! Dat is een prijzige verfrissing.

img-20161006-wa0001Gespannen voet

Het kiezen voor duurzame energie zou de consument moeten motiveren, omdat dit voldoet aan een moreel plichtsbesef. Echter, mijn beleving dat het financiële plaatje van de investering vaak toch doorslaggevend is voor de eindtevredenheid. Hier is niets mis mee! We zijn tenslotte allemaal zuinige Hollanders, waarbij onze ‘krenterigheid’ op gespannen voet staat met de drang om te verduurzamen? In het geval van WKO heeft de consument geen keus. Wanneer een duurzame installatie leidt tot facturen waar een gebruiker van achterover kukelt, lopen we met zijn allen voorbij aan de primaire doelstelling: duurzaam comfort met blije gebruikers. Dat moet hand-in-hand kunnen gaan, vind ik; en wij als installateur zitten vaak tussen deze twee vuren in: exploitabel vastgoed versus tevreden bewoners.

Daarom dus de vraag: is het dan niet raar dat de herziening van de Warmtewet nog niet heeft geleid tot regulering voor wat betreft afname van koude, om dit soort taferelen te voorkomen?

 

 

 

 

Over Pieter van Dijk

Pieter van Dijk (1982) is HBO-bedrijfskundig opgeleid, en daarna onder de vleugels van familiebedrijf Van Dijk Made een echte installatietechneut geworden. Heeft in zijn rol hier volop te maken gehad met de transitie van een traditioneel e- en w-bedrijf naar een moderne, prestatiegerichte dienstverlener. Tegenwoordig werkt hij als als recruiter en technisch begeleider bij Building Jobs, Cooljob, Installatievacaturebank. Pieter is eigengereid, steekt zijn mening niet onder stoelen of banken, en blogt over onderwerpen die hij in zijn dagelijkse praktijk tegenkomt.

Bekijk alle berichten van Pieter van Dijk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.