fbpx
Blog

Warmteverlies door standleidingen? Vraag je een installateur om de standleiding in een energiezuinig gebouw te isoleren is steevast het antwoord: “Ja, maar wij gebruiken altijd geïsoleerde buizen, dat moet vanwege het geluid.” Daarbij doelt men op geluidsabsorberend materiaal. Bij het energieverlies via standleidingen sta je als installateur eigenlijk nooit stil. Feit is dat een standleiding rond 15 procent uitmaakt van de energiebehoefte voor verwarming. In het tijdperk van energieneutraal bouwen hoog tijd dus, dat hier meer bekendheid over komt. 

Hoog warmteverlies door standleidingen

Standleidingen doordringen de thermische schil en staan in directe verbinding met de buitenlucht. Denk aan leidingen voor rioolbeluchting (en ontluchting) of inpandige hwa-leidingen. Via deze doorvoeren vindt er in de wintermaanden een directe warmteafgifte naar buiten plaats. Door de schoorsteen-werking van deze (meestal verticale) leidingen wordt dit warmtetransport versterkt.

De warmteverliezen door standleidingen hebben een grote invloed op de energieprestatie. Met name van energieneutrale gebouwen. Dit hebben wij in beeld gebracht met de nZEB-tool/PHPP. De voorbeeldberekening is gedaan aan de hand van de 2^1kap RVO-referentiewoning EPC 0,2 met passieve maatregelen. Zeg maar goed geïsoleerd dus. Het effect door één standleiding met een doorsnede van 90mm op de energiebehoefte voor verwarming ziet er uit als volgt:

Energiebehoefte verwarmingkWh/akWh/(m2a)
Zonder isolatie181215,04
20mm isolatie l=0,04 W/(mK)163713,59
50mm isolatie l=0,04 W/(mK)158313,14
Rioolbeluchters inpandig (geen doorvoer
door thermische schil)
149212,38

We zien hierin dat het effect op de energiebehoefte van een woning met één standleiding al gauw 2-3 kWh/(m2a) is. De totale energiebehoefte voor verwarming in een goed geïsoleerd gebouw is rond de 15 kWh/(m2a). Dit komt dus neer op zo’n 15 tot 20 procent.

Onderschat ook het risico op condens- en schimmelvorming niet. Op onderstaande afbeelding zie je dat de binnenoppervlakte-temperatuur van de standleiding plaatselijk onder 12,6°C komt. Bij dergelijke standleidingen zal dus schimmelvorming geen uitzondering zijn.
Het risico op condensvorming op koudere plekken neemt toe in goed geïsoleerde gebouwen. Werken met ongeïsoleerde standleidingen in energieneutrale gebouwen is dus bouwfysisch niet te verantwoorden.

Twee oplossingen voor standleidingen

Om bouwfysische problemen in goed geïsoleerde woningen te beperken zijn er twee mogelijkheden:

Optie 1: Inpakken dus, maar dan wel dampdicht. Hierbij is het van belang de standleiding over de gehele lengte in te pakken. Want bij een gedeeltelijke isolatie verschuift enkel het bouwfysische probleem. En let echt op de dampdichte uitvoering. Handig zijn prefab geïsoleerde buizen.
En: geïsoleerde standleidingen hebben ruimte nodig. Voorkom dus dure bouwfouten en houdt hier al rekening mee in de maatvoering in het ontwerp. Je kunt standleidingen ook wegwerken in een binnenwand of in de gevel. Het eerste verdient de voorkeur. Door inbouw in een geïsoleerde buitengevel vermindert namelijk de isolatiedikte plaatselijk. Ook zou je daarbij extra aandacht moeten besteden aan de luchtdichting.
En natuurlijk ligt een compact installatie-ontwerp voor de hand. Hoe minder standleidingen, hoe minder energieverlies (en kosten).

Optie 2: Toepassen van inpandige rioolbeluchter(s). Dit geschiedt in combinatie met een externe rioolontluchter. In Nederland is ontluchting van het rioolstelsel via elk gebouw namelijk verplicht. Maar dat kan natuurlijk buiten de thermische schil, op eigen perceel. Bijvoorbeeld door een ontluchtingsleiding op de afvoerbuis naar het gemeentelijke riool aan te brengen. Met een zwanenhals tegen stank. En een struikgewas, dan zie je er niets meer van. Maar je kunt het riool ook ontluchten via een aparte standleiding aan de buitenkant van het gebouw. Dan krijg je nooit stank of rotzooi na een hevige stortbui.

Warmteverlies via standleidingen – ook meegenomen in de NTA 8800

Tot op heden maakten de besproken effecten van standleidingen in directe verbinding met buitenlucht geen deel uit van de Nederlandse energieprestatieberekening, EPG. Nu zijn deze wel ingewerkt in de NTA 8800-rekenmethodiek. De bepalingen hiervoor zijn te vinden in hoofdstuk 7.3.3 Warmteoverdrachtcoëfficiënt via verticale leidingen. Deze bepalingen zijn vrij grove schattingen en geven niet de werkelijke impact weer.
Deze kun je wel bepalen met de nZEB-tool/PHPP. En sinds kort is er – met name voor hoge gebouwen – een speciale tool te verkrijgen bij Kennisinstituut KERN.

Over Clarence Rose

Als koploper in energieneutraal bouwen-land is Clarence Rose (1975) sinds 2009 werkzaam als zelfstandig expert in energieneutraal passief bouwen en geeft integraal bouwfysisch advies. Door haar scherpe visie en onstuitbare inzet voor een duurzaam en intelligent bouwend Nederland kwamen diverse innovatieve projecten zoals PassReg en AZEB en inmiddels toonaangevende organisaties, DNA in de bouw en Kennisinstituut KERN, van de grond.
Als voorzitter van Kennisinstituut KERN maakt zij zich sterk voor de verspreiding van wetenschappelijk onderbouwde kennis en praktijkervaringen door experts op het vlak van integraal energieneutraal bouwen.

Bekijk alle berichten van Clarence Rose

1 reactie op “Warmteverlies via standleiding volstrekt onderschat

  1. anton schreef:

    Wat leuk dat iemand hier eens aan rekent en er over publiceert.

    Ik ben mij hier al langer van bewust maar nooit er toe gekomen dit te quantificeren. Nu toch uitgedaagd, ik heb wel mijn vraagtekens hoe dit warmteverlies wordt berekend, ik kom namelijk in de lang niet aan zulke hoge waarden. Aannames? De lucht in het rioleringssysteem is fors warmer dan de buitenlucht, de luchtsnelheid sterk afhankelijk van locaties van beluchtingen/geometrie rioleringsstelsel. Benieuwd welke uitgangspunten hiervoor gekozen zijn. Het lukt niet het genoemde programma te downloaden voor meer inzicht.

    Nu houd ik zelf wel van details, maar een thermisch energieverbruik van 320 kWh (het grootste verschil in het voorbeeld) vertegenwoordigt een waarde van ca € 13,- per jaar (voor een particulier met warmtepomp). Voor de genoemde hoge gebouwen zijn de electrakosten nog veel lager. Dus of we daar nu onze energie/aandacht in moeten steken? Er zijn nog wel wat balken te verwijderen voordat we ons druk moeten gaan maken over deze splinters.

    Prikkelend is het in ieder geval wel, benieuwd of het hout snijdt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.